
S.C. Stiens praat over mentale gezondheid
SportLEEUWARDEN - Menno Tjoelker, 21 jaar en afkomstig uit Stiens, is hoofdtrainer van S.C. Stiens Vrouwen 1 en Hoofd Jeugd Opleiding. Naast het begeleiden van trainingen en wedstrijden richt hij zich vooral op het welzijn van spelers. Hij houdt in de gaten hoe ze zich voelen en zorgt dat ze zich veilig en gesteund voelen, zowel op het veld als daarbuiten.
Voor trainers begint oog hebben voor de mentale gezondheid van de spelers vaak simpel, namelijk door in gesprek te blijven met hen. “Door de drempel laag te houden en zelf betrokken te zijn, merk ik sneller wanneer iemand niet lekker in zijn vel zit. Een speler die stiller wordt, anders reageert of meer afstand neemt, kan een belangrijk signaal zijn,” legt Menno uit.
Trainers zijn daardoor ook een luisterend oor voor hun spelers. “Door vanaf het begin duidelijk te maken dat spelers altijd kunnen aankloppen, ontstaat er een veilige sfeer waarin problemen vaak op tijd worden gedeeld.”
Leeftijdsverschil
Daarnaast ziet Menno grote verschillen tussen jongere en oudere spelers op het gebied van mentale gezondheid. “Bij de veertien en vijftienjarigen is er vaak nog schaamte of een gevoel dat het niet stoer is om over problemen te praten. Ze zoeken eerder steun bij ouders dan bij de staf,” zegt hij. Bij de oudere speelsters, zoals de dames van het eerste, durven spelers hun verhaal vaker te doen en tonen ze meer vertrouwen in elkaar en in de staf.
Vertrouwen
Bij S.C. Stiens is er een vertrouwenspersoon, maar Menno benadrukt dat trainers hun spelers goed moeten kennen. “Je hoeft niet alles te weten van hun privéleven, maar een basisbegrip van wat er speelt helpt om spelers op de juiste manier te benaderen. Wanneer iemand ziet dat een speler worstelt, bespreken we dat als staf. Af en toe inchecken en later terugkomen op wat ze vertellen laat zien dat je echt luistert. Dat miste ik vroeger als speler,” geeft hij toe.
Gesprekken voeren
Trainers nemen regelmatig de tijd om met hun spelers te praten over hoe ze zich voelen. “Laten zien dat het oké is om waar je mee zit te delen en soms eigen ervaringen delen is erg belangrijk,” zegt Menno. De gesprekken vinden zowel één op één als in kleine groepjes plaats, zodat iedereen de kans krijgt om zijn verhaal te doen. “Wij als trainers stemmen met elkaar af wat er speelt, zodat we meteen kunnen ingrijpen als dat nodig is. Zo merken spelers dat ze echt gehoord worden.”
Teamdynamiek
Het bespreekbaar maken van mentale gezondheid beïnvloedt volgens Menno de teamdynamiek positief. “Wanneer spelers zich veilig voelen om te praten over wat er speelt, ontstaat er meer vertrouwen en begrip tussen teamgenoten,” zegt hij. Dit helpt niet alleen bij het oplossen van conflicten of problemen, maar zorgt ook dat iedereen beter kan samenwerken tijdens trainingen en wedstrijden.
Door openheid krijgen spelers het gevoel dat ze er niet alleen voor staan. Daardoor wordt het team hechter en prestaties beter, doordat iedereen meer steun en motivatie van elkaar krijgt.
Vooruitblik
Er is al veel oog voor de mentale gezondheid van de spelers van S.C. Stiens, maar er is ruimte voor verbetering. “Het zou mooi zijn als we vaker korte workshops of lezingen kunnen organiseren binnen de club, zodat spelers leren herkennen wanneer ze steun nodig hebben en weten waar ze terechtkunnen,” zegt hij. Zo kunnen niet alleen oudere speelsters, maar ook jongere teams eerder leren omgaan met gevoelens of druk.
De staf en club willen zo een cultuur creëren waarin mentale gezondheid net zo normaal is als trainen of tactiek bespreken. Zodat iedereen zich gesteund voelt en kan groeien, zowel op als naast het veld.























