
Het is groen én gezellig op het volkstuinencomplex in Goutum
NatuurLEEUWARDEN - Steeds meer inwoners van Leeuwarden kiezen voor een groene tuin. Vorig jaar wipten Leeuwarders nog 25.660 tegels uit hun tuinen, waardoor de gemeente in de top twintig belandde van het NK Tegelwippen. Toch zijn tegels nog steeds alom vertegenwoordigd in wijken en dorpen. Uit de Basiskaart Groen en Verharding van Klimaateffectatlas, in samenwerking met Friedenau Society, blijkt zelfs dat 41% van de buitenruimtes in de gemeente ‘versteend’ is.
Het doen pijn aan zijn groene tuindershart, wanneer Jan Keyzer weer eens een stenen oprit ziet ontspruiten in zijn buurt. Hij zit al meer dan 45 jaar in het bestuur van De Leeuwarder Huurdersvereniging van Nutstuinen (de beheerder van de zes volkstuinen in Leeuwarden) en is de huidige complexbeheerder van Volkstuinencomplex Goutum, waar hij zelf ook een tuin heeft. Hij tuint al jaren: “Een collega moest tijdens een dienst even langs zijn tuintje. Dat leek mij ook wel wat.” Jan zet de schep niet veel later in zijn allereerste volkstuintje, destijds bij hem om de hoek. Door de uitbreiding van het MCL verhuist het complex in 1979 naar Goutum.
Hij is bijna elke dag te vinden op het complex en werkt met veel vlijt in zijn eigen tuin: “Maar als je hier komt, klets je de helft van de tijd weg,” lacht hij. Het sociale aspect is heel belangrijk: “Er tuinen hier heel veel verschillende mensen om uitlopende redenen. De één doet het zodat er elke dag groente op het bord ligt, omdat het in de supermarkt te prijzig is, de ander wil aan hun kinderen laten zien hoe groente en fruit groeit, weer een andere tuinder is hier op doktersrecept vanwege een burn-out en sommigen vinden het gewoon heerlijk om in de tuin bezig te zijn.” Bovendien heeft iedereen zijn eigen aanpak en visie. Tijdens de rondleiding wijst hij naar een aantal tuinen: “Deze mevrouw kan je alles over bloemen vertellen, zelfs de Latijnse namen. Deze hier tuint alleen biologisch en deze meneer houdt bijen.”
Hoe verschillend de tuinders in Goutum ook zijn, er is één duidelijke overeenkomst: “We staan voor elkaar klaar,” zegt Jan stellig. “Je kan altijd bij elkaar terecht voor advies. We hebben een app waarin je laagdrempelig om hulp of raad kan vragen.” Zelf helpt hij zijn mede-tuiniers ook graag: “Laatst nog vroeg iemand waarom mijn zomerwortelen zo lang waren, die van hem bleven kort. Ik vroeg hem of hij zijn wortelen ook bewaterd en dat was het euvel. Je moet de wortels laten zoeken naar water in de grond. Ze moeten naar onder groeien, dus je moet ze niet teveel verwennen.”
De afgelopen 47 jaar heeft Jan veel Leeuwarders zien opbloeien van beginners tot volwaardige tuiniers. Hij weet daarom zeker dat iedereen het kan: “Het vergt wel tijd en geduld. Je kan niet iets planten en een maand later terugkomen in de hoop dat je kan oogsten.” Hij raadt beginners aan om veel te vragen aan andere tuinders en om ervaring op te doen. Dat kan wat hem betreft ook prima in de achtertuin: “Je zult daar niet alles kunnen verbouwen, maar aardbeien of courgettes zijn heel geschikt. Is de kwaliteit van de bodem nog heel slecht, dan kun je eerst een jaar aardappelen verbouwen, dat doet de grond veel goed.”
Om af te sluiten geeft de ervaren tuinder nog één tip: “Kijk naar het weer! Hou je niet te strikt aan het plantadvies op het zadenzakje of aan de planning van vorig jaar. Elk jaar zijn de omstandigheden anders. Nu is het bijvoorbeeld nog ontzettend nat, terwijl we vorig jaar al hadden gefreesd. En als het zelfde plantadvies ook in het Frans op het pakje staat, terwijl het in Frankrijk al veel eerder warm wordt, dan weet je dat het advies niet altijd opgaat voor jouw tuintje in Leeuwarden.”



























