
Shalina Gomes zingt in Friestalig nummer over de zoektocht naar haar biologische ouders
Persoonlijke verhalenFRIESLAND - Na jaren van zoeken en hopen, heeft de geadopteerde Shalina Gomes uit Leeuwarden haar gevoelens gevangen in muziek. Haar eerste Friestalige nummer ‘Wy kinne it net opnij dwaan’, dat werd geschreven door Minke Adema en gecomponeerd door gitarist Rick Meijer, verschijnt op 9 mei op Spotify en Youtube. Zo vlak voor Moederdag vertelt Shalina openhartig over haar lange, bewogen zoektocht naar haar biologische ouders uit Bangladesh.
Toen Shalina volgens de papieren anderhalf was, bracht een man haar in een rieten mandje naar Nederland. Het gezin waarin ze opgroeide had eerder al een dochter uit Bangladesh geadopteerd en kreeg een brief met de vraag of ze ook Shalina wilden opnemen. “De vrouw die de brief schreef, vertelde dat mijn ouders waren overleden en dat mijn grootmoeder mij had meegegeven. Het proces was al gestart; ze hoefden alleen te weigeren als ze me niet wilden. Alsof ik een Bol.com-pakketje was,” zegt Shalina vol ongeloof.
De impact van adoptie
Inmiddels is Shalina begin veertig, maar haar exacte leeftijd blijft onzeker. “De kleren die ik droeg toen ik hier kwam waren zó klein, dat ik onmogelijk anderhalf kon zijn,” stelt ze overtuigd. Op haar papieren staan bovendien drie verschillende geboortedata, wat de verwarring compleet maakt. Eén ding weet Shalina wel zeker: ze had hier nooit mogen zijn. “In de jaren 70 en 80 werden groepen kinderen zonder toestemming van hun ouders uit Bangladesh gehaald. Er kwam toen een adoptiestop, maar omdat ik alleen reisde, ben ik ná die stop alsnog naar Nederland gebracht,” legt ze uit.
De adoptie heeft altijd een grote impact gehad op Shalina’s leven. Als klein meisje merkte ze direct dat ze anders was en werd ze gepest vanwege haar huidskleur. “Ik had geen idee wat ik verkeerd deed, maar ik had wel door dat mijn adoptieouders niet mijn echte ouders konden zijn,” herinnert ze zich. Toen zij haar vertelden dat haar biologische ouders uit Bangladesh kwamen, viel er veel op zijn plek. Daarna ontstonden er steeds meer vragen. “Mensen zeggen wel eens dat ze hun neus van hun vader hebben geërfd, maar ik heb geen idee van wie ik mijn neus heb. Zulke dingen zijn heel confronterend.”
De man met de moedervlek
Shalina begon de zoektocht naar haar ouders zo’n twintig jaar geleden. Ze belde naar het ziekenhuis waar ze zou zijn geboren, maar omdat ze de taal niet sprak, liep dit op niets uit. Ook via tv-programma’s als Vermist vond ze geen hulp, mede door bezuinigingen. Ze mailde vervolgens haar verhaal naar media en instanties, op zoek naar iemand die haar kon helpen. Een journalist uit Bangladesh ging ermee aan de slag, maar stopte zijn onderzoek nadat hij bedreigingen kreeg.
Op een dag zat Shalina GTST te kijken, toen een vriendin haar belde: op tv was een documentaire over ontwikkelingshulp in Bangladesh. Nieuwsgierig verruilde ze haar soap voor de nieuwszender. Tot haar verbazing zag ze daar de man die haar ooit naar Nederland had gebracht. “Ik herkende hem meteen aan de moedervlek op zijn wang,” vertelt Shalina. “Hij was de directeur van de hulporganisatie en ongetwijfeld dezelfde man als op de foto die bij de brief in het rieten mandje zat.”
Valse beloftes en cadeaus
Shalina twijfelde geen moment en belde de organisatie waarvoor de man werkte. Ze kreeg te horen dat hij in Nederland was voor een bijeenkomst en pakte direct de trein zijn kant op. In de lobby van het hotel waar hij verbleef, wachtte ze urenlang. Toen ze hem eindelijk aansprak, viel hij bijna van zijn stoel van verbazing, maar hij reageerde enthousiast. “Hij beloofde me te helpen zoeken naar mijn ouders,” vertelt Shalina. “Maar hij zei ook dat ik de media erbuiten moest laten en niets tegen zijn vrouw mocht zeggen. Dat voelde niet goed, maar ik durfde er niks van te zeggen. Er was eindelijk iemand die me kon helpen.”
In de jaren daarna bleef Shalina contact houden met de man, die zich vaderlijk opstelde. Bij hun tweede ontmoeting in Nederland bracht hij cadeautjes mee, maar nieuws over haar biologische ouders had hij niet. Ook beweerde hij zich niet te herinneren hoe Shalina destijds bij hem terecht was gekomen. Twintig jaar lang bleef zijn verhaal hetzelfde, terwijl ondertussen bekend werd dat zijn organisatie Bengaalse kinderen had gestolen en verkocht. “Daar is mediaophef over geweest en er zijn excuses gemaakt, maar daar heb ik mijn ouders niet mee terug,” zegt Shalina.
Zoektocht in Bangladesh
Een paar jaar geleden reisde de Friezin voor het eerst naar Bangladesh. Ze maakte een flyer met haar babyfoto en een recente foto en hing die onder andere op in een sloppenwijk waar eerder DNA-matches waren gevonden. In een winkeltje ontving ze, samen met een tolk en DNA-testen op zak, de mensen die reageerden. “Opeens hoorde ik gegil. Mensen begonnen te trekken, te duwen, zelfs te vechten, omdat ze allemaal hun dochter wilden zien. Het was hartverscheurend,” blikt ze terug.
De DNA-testen leverden geen resultaat op, en dus vertrok Shalina naar het dorp waar ze volgens de papieren was geboren. “Mijn moeder heette Helen Gomes, dus ik ging in dat dorp naar haar op zoek. Ik raakte in gesprek met een non die zich iemand met die naam kon herinneren. Ze vertelde dat ze deze vrouw dagenlang op haar werk had horen schreeuwen om haar kind. De beschrijving klopte met de informatie die ik had, dus ik moest deze vrouw vinden,” vertelt Shalina. Dat lukte, in de kerk waar deze vrouw altijd kwam. “Gomes is een Christelijke naam, en we vonden haar in een Christelijke kerk.”
De ontmoeting met Helen Gomes verliep niet zoals verwacht. “De vrouw had een pigmentziekte, dus ik schrok best wel toen ik haar zag. We vlogen elkaar ook niet om de hals, zoals op tv. Dit was mijn moeder, maar zo voelde het eigenlijk niet,” geeft ze toe. Shalina wilde daarom ook graag dat een DNA-test dat zou bevestigen, maar uit de test bleek dat de vrouw níet haar moeder was. “Ik was teleurgesteld, maar het verklaarde wel het gevoel dat ik al die tijd had.” Dankzij de DNA-database vond Helen alsnog haar biologische dochter, die geadopteerd was door een gezin in Denemarken. “Ontzettend fijn voor hen, maar mijn moeder is nog altijd spoorloos.”
Mensen begonnen te vechten omdat ze allemaal hun dochter wilden zien. Het was hartverscheurend
Vastberaden ondanks tegenslagen
Ondertussen had Shalina nog altijd contact met de man die haar naar Nederland bracht. De gedachte dat hij misschien wel haar vader kon zijn, was meer dan eens bij haar opgekomen. Een DNA-test sloot dat uit. Hij bracht haar vervolgens in contact met de hoogste baas van de organisatie waar hij voor werkte, maar zodra Shalina kritische vragen stelde, viel de verbinding “plotseling” weg. Ook videobelde ze met de man die zogenaamd haar papieren had getekend, maar dit bleek niet de juiste persoon. “Het was gewoon een man die vanaf een papiertje instructies voorlas. Het is me nu duidelijk dat ze allemaal één groot spel spelen,” zucht Shalina.
Toch weigert de zangeres op te geven: “Als je kind je wordt afgenomen, vraag je je de rest van je leven af hoe het met hem of haar gaat. Ik zou mijn ouders heel graag mee willen geven dat het goed met me gaat. Ik ben positief ingesteld en wil laten zien dat het altijd mogelijk is om toch iets moois van je leven te maken. Uit respect en dankbaarheid naar mijn ouders toe vind ik dat ik moet genieten van het leven; ze hebben het mij niet voor niks gegeven.” Het nummer dat ze uitbrengt is daarom bewust niet dramatisch of zwaarmoedig. Ook koos Shalina er bewust voor om in het Fries te zingen: “Ik kom uit Bangladesh, maar ik ben Fries. Je hoeft hier niet geboren te zijn om je Fries te voelen.”



























