
Meidenteam DMC gepromoveerd naar hoofdklasse
SportMAKKINGA/DONKERBROEK - Slechts een jaar na de oprichting van het meidenteam van samenwerkingsverband DMC (Donkerbroek-Makkinga Combinatie), zijn ze al gepromoveerd naar de hoofdklasse. Speelsters Noa Meijer en Laura Boersma vertellen hoe het team dat voor elkaar kreeg en waar ze nu naartoe werken.
Noa komt uit Makkinga en voetbalt al van jongs af aan bij de plaatselijke club. Haar vriendin Laura woont in Boijl en speelde eerder bij Trinitas. Na jaren in een gemengd team met jongens te hebben gespeeld, voetballen de inmiddels zeventienjarige meiden nu in een eigen elftal. Dat was even wennen: “Ik vond het eerst jammer en wist niet goed wat me te wachten stond, maar we konden de jongens niet meer bijhouden,” zegt Noa. Laura vult aan: “Ik vond het echt super leuk met de jongens, maar het meidenteam bevalt ook best wel goed. Ik vind het leuker dan gedacht.”
Gezelligheid en blessures
Drama, dat was de reden waarom de voetbalsters hun twijfels hadden bij een meidenteam. “Als je veel meiden bij elkaar zet, bestaat er wel een kans dat er drama ontstaat,” lacht Noa. “Gelukkig zijn we daar allemaal niet naar op zoek, het is gewoon echt heel gezellig.” De leeftijden binnen het team variëren van zestien tot twintig en de speelsters komen uit allerlei omliggende dorpen, zoals Appelscha en Oosterwolde.
Er staan dit seizoen een stuk of achttien meiden op papier, maar er staan een stuk minder op het veld. Blessures teisteren het team, net als vorig jaar. “Dat is wel vervelend, want daardoor hebben we minder wissels. Sommigen moeten daarom vaak negentig minuten spelen, maar niet iedereen houdt dat vol,” zegt Laura. “De spelers die niet geblesseerd zijn moeten dus extra hard werken, maar daardoor krijg je juist ook weer blessures,” voegt Noa toe.
Het belangrijkste is dat we het leuk hebben
Hoog voetbalniveau
Ondanks de uitval hier en daar, wist de MO20 binnen no time hogerop te komen. Als nieuw team begonnen ze in de tweede klasse, het laagste niveau om in te stappen. Zelfs zonder keeper was er weinig uitdaging, vertelt Noa. “In de eerste klasse waren er al meer spannende wedstrijden, maar ook toen wonnen we best wel makkelijk.” Hoewel het verschil tussen de eerste klasse en hoofdklasse heel groot blijkt te zijn, is dit volgens Laura wel waar ze thuishoren. “De meesten van ons voetballen al heel lang en we kunnen het allemaal ook gewoon goed.”
De trainingen met jongens hebben ook bijgedragen aan het voetbalniveau, denkt Noa. “We spelen vaak tegen grotere clubs, waar altijd genoeg spelers waren voor meidenteams. Omdat wij zo lang met jongens hebben gevoetbald, zijn wij fysiek sterker dan gemiddeld.” Uiteraard speelt ook trainer Berthold Klooster een rol in het succes van het team. “Hij kan het spel echt heel goed uitleggen aan iedereen, waardoor we met z’n allen één spel aan het spelen zijn. Ik denk dat we heel veel geluk hebben met hem als trainer.”
Druk op het veld
Momenteel ligt de focus op mooi, verzorgd voetbal. In de hoofdklasse komt dat echter nog niet altijd tot uiting. “Tegenstanders geven ons vaak nauwelijks ruimte, daar zijn zij gewoon heel goed op getraind. Wij moeten sneller handelen als we daar voetballend uit willen komen,” deelt Noa. Het resultaat is een minder vloeiende opbouw en veel lange ballen. Daarover zegt ze: “Als wij niet op de mooie manier kunnen voetballen, dan maar niet mooi. Maar als dat wel kan, dan moeten we dat wel proberen.”
De voetbalsters hopen allebei in de hoofdklasse te kunnen blijven spelen, maar leggen er niet te veel druk op. “Als we gewoon ons best doen, denk ik dat het wel goed komt. Het belangrijkste is dat we het leuk hebben, dan maakt het niet uit of we eerste of laatste worden in de competitie,” zegt Laura. “Het is echt een combinatie van plezier en prestatie,” bevestigt Noa.



























