
VV Stânfries: ‘Als je niet wint, is het een stuk minder leuk’
Sport Amateurvoetbal StellingwervenAPPELSCHA - Na een zwaar seizoen in de vierde klasse begint VV Stânfries vol nieuwe energie aan het seizoen in de vijfde klasse. De degradatie was een teleurstelling, maar biedt de ploeg ook de kans om opnieuw te bouwen aan een team dat aanvallend voetbal wil spelen. Met een nieuwe hoofdtrainer en een bredere selectie wil Stânfries weer plezier en aantrekkelijk voetbal laten zien.
In seizoen 24-25 lukte het VV Stânfries nog om zich met de hakken over de sloot te handhaven in de vierde klasse, maar het seizoen daarna werd al snel duidelijk dat de selectie niet klaar was voor dit niveau: “Misschien was het achteraf beter geweest als we toen wel waren gedegradeerd,” peinst middenvelder Lars Olderburger. “Je voetbalt altijd om te winnen en als dat niet lukt, dan is het een stuk minder leuk.” Het team kampte met veel langdurig blessureleed, al vraagt Lars zich af of het eindresultaat anders was geweest als ze wel over de volledige selectie konden beschikken: “Het was misschien iets beter gegaan, maar onder de streep was er gewoon een groot kwaliteitsverschil. We hebben moeten accepteren dat het niet ging lukken.”
Het afgelopen seizoen was een harde leerschool voor de jongens: “Als je negentig minuten achter de bal aan moet rennen, dan leer je weinig. Je wordt gedwongen om antivoetbal te spelen, je eigen spel opbouwen gaat niet.” Dat is dan ook waar de nieuwe hoofdtrainer, Minne de Boer, wil beginnen: “Hij heeft een duidelijke visie waar wij ons wel in kunnen vinden. We willen aanvallend voetbal spelen, het liefst in de 4-3-3, met veel druk en creativiteit in ons balbezit.”
Hij hoopt en verwacht dat daar in de vijfde klasse meer ruimte voor is: “Het is een proces dat tijd nodig heeft. We moeten wennen aan het spel en aan elkaar, maar we zijn er goed mee bezig en maken al stappen. Het is te zien dat wat de trainer bedoelt overkomt op de selectie.”
We zijn goed bezig en maken al stappen
Ondanks de tegenslagen lukte het Stânfries toch om aan de start van het nieuwe seizoen weer een leuke selectie te presenteren: “De geblesseerde jongens zijn bijna allemaal terug en we worden versterkt door een aantal jongens uit onverwachte hoek. Met 23 man hebben we weer een complete, brede selectie. Dat is een basis om op te bouwen.” Volgens Lars is het eerste van Stânfries een team dat altijd 100% geeft: “We zijn een jong, gedreven team. We werken hard, maar dat vertaalt zich nog niet altijd naar goed voetbal. Daar moet een vertaalslag gemaakt worden, zodat we minder hard hoeven te werken en meer voetballend kunnen oplossen.” Er zit veel individueel talent in het team, denkt hij: “Nu is het zaak dat dat omgezet wordt naar het collectief.”
Werk aan de winkel
Lars hoopt dat zijn team ook de supporters weer meer kan trakteren op mooi voetbal: “We hebben het de afgelopen twee seizoenen moeilijk gehad. Dat geldt ook voor de mensen aan onze zijlijn, onze supporters. Dat vind ik heel jammer. Er zijn in het dorp heel veel mensen met een zwartwit hart, die heel blij worden van een mooie pot voetbal. Aan ons de taak om dat weer te laten zien.” Kunnen we dan alleen maar positieve scores verwachten op het scorebord in Appelscha? Lars blijft nuchter: “Ik denk dat het niet realistisch is om ons nu al te richten op promotie. Ons streven is om mee te doen aan de bovenkant van de middenmoot, dus plek vier of vijf. Natuurlijk gaan we ons best doen om zoveel mogelijk te winnen, maar we zien allemaal ook dat er werk aan de winkel is.”



























