
Grasbaanheld Tonny Blok: een leven vol snelheid
SportNOORDWOLDE - Tonny Blok ademt motorsport. Vanaf het moment dat hij vier jaar oud was, zat hij net als zijn broer op de motor. In eerste instantie deed Tonny aan wegracen, maar hij stapte over naar grasbaanracen toen zijn broer naar de middelbare school ging en deze hobby te tijdrovend werd. Het bleek een goede keus, want Tonny vond het grasbaanracen ontzettend leuk. In 2012 begon het echte avontuur voor de jonge grasbaanracer, die inmiddels al een paar keer Nederlands kampioen is geworden.
Op zijn 65cc-motor, zijn eerste met koppeling en versnellingen, reed Tonny op 11-jarige leeftijd zijn eerste race. “Dat was geweldig, als klein jochie op de baan,” herinnert hij zich. “Ik had er nog wel wat moeite mee, want ik reed alleen maar om de buitenlijn heen omdat ik de achterrem niet kon vinden,” zegt hij lachend. Daarna ging het snel beter dankzij veel trainen en de steun van zijn vader en opa, die ook altijd crossten. Bovendien was Tonny vroeger al nergens bang voor, wat hem een vliegende start gaf.
Opmars naar kampioenschap
Zijn snelle groei zorgde ervoor dat hij al halverwege zijn eerste seizoen moest overstappen naar een 85cc-motor. Al snel stroomde hij ook door naar de 125cc bij de jeugd, waar hij voor het eerst de kampioenstitel pakte. Een jaar later ging Tonny over op een 250cc motor die even groot is als een 125cc, maar meer vermogen heeft. “Ik kwam in de follow-up-klasse, een klasse bij de Koninklijke Nederlandse Motorrijders Vereniging (KNMV) en plaatste me voor de ST2. Dat is eigenlijk het hoogste wat je kan halen in Nederland, en daar ben ik in mijn eerste jaar derde geworden in het kampioenschap. Dit jaar werd ik er tweede,” vertelt Tonny trots.
Volledige toewijding
Het grasbaanracen is uitgegroeid tot een groot onderdeel van Tonny’s leven. “Ik ben er wel zeven dagen per week mee bezig,” zegt hij. Van schoonmaken tot smeren en droogblazen, de racer doet het allemaal zelf samen met zijn vader. Het motorische gedeelte laat hij echter over aan een professionele motorzaak, met als reden dat dat stukje gewoon perfect verzorgd moet zijn. Naast het onderhoud door de week is Tonny in de weekenden vaak aan het racen. “Soms hebben we hele drukke weekenden met races op meerdere dagen.” Gelukkig begrijpt Tonny’s vriendin dit maar al te goed, aangezien zij zelf ook crosst. “Daar heb ik wel mazzel mee”, lacht Tonny.
Adrenaline ten top
De adrenaline is wat volgens Tonny de sport zo mooi maakt. “Je weet dat het een risicovolle sport is omdat je met z’n allen heel hard op een kluitje rijdt, maar op het moment zelf ben je daar niet bang voor,” legt hij uit. Van tevoren is de spanning bij de inmiddels ervaren grasbaanracer soms nog wel hoog, maar die verdwijnt zodra hij de baan op komt. “De spanning helpt om te presteren, ik ben heel gefocust op mijn doel. Wanneer je een heel klein foutje maakt, ben je eigenlijk al verloren, maar meestal gaat het eigenlijk heel goed.”
Het ultieme doel
Hoewel het seizoen voor grasbaanraces van maart tot en met oktober duurt en het er dus bijna op zit, blijft Tonny in de winter actief op de crossbanen. Zo doet hij mee aan verschillende evenementen zoals de strandcross in Lemmer, de maiscross in Staphorst, de 2-uurs Piepercross in Opende en de Gerrit Zijm 4-uurs cross op Texel, om veel meters te maken en in vorm te blijven. Zijn ultieme doel is om Nederlands kampioen te worden in deST2-klasse en misschien later ook in de ST1, met een 450cc-motor. “Het is een intensieve sport, maar zolang mijn lichaam het toelaat en ik het samen met de steun van mijn ouders en vriendin kan blijven doen, blijf ik racen. Zonder mijn broer in mijn gedachten, mijn ouders,
vriendin, vrienden, sponsoren en coach zou dit allemaal niet mogelijk zijn, dus zij zijn echt heel belangrijk voor me. Het is echt een familiesport geworden.”





















